Columns van RVS
Vallende kwartjesHet nieuwe boek "Vallende kwartjes" van Ionica Smeets en Bas Haring is net uit. Zo leest de achterflap:
"Wetenschap lijkt ingewikkeld en moeilijk te doorgronden. Toch bestaan er verhalen die wetenschap in een keer helder maken, pareltjes die ineens het kwartje doen vallen. Dit boek is een bloemlezing van zulke pareltjes. De wetenschap toegankelijk gemaakt. voor iedereen die verder wil kijken dan het abstracte."
Een verzameling van anekdotes over hoe je wetenschap kan uitleggen, vaak aan de hand van aanspreekbare voorbeelden. Zo wordt gaschromatographie voorgesteld als een groep mannen en vrouwen die door een winkelstraat lopen. De vrouwen hebben meer affiniteit met de stationaire fase (lees winkels) dan de mannen en zullen dus op een later tijdstip uit die straat komen. Veel citaten van bekende wetenschappers komen aan bod over diverse disciplines van de natuurwetenschap. Kortom een sympathiek boekje voor de docent.
gr RVS
Stiekem
Met het invoeren van profielen bij de tweede fase ten tijde van het studiehuis werd het vak scheikunde in tweeën gesplitst. Het onderstuk heette dan scheikunde 1 en het bovenstuk scheikunde 2. Koos je het lichte bètaprofiel dan hoefde je slechts het onderstuk te kennen voor het eindexamen; koos je een zware bètaprofiel dan moest je allebei de delen beheersen.
Scheikunde 1 was eigenlijk gericht op de aankomende geneeskundestudent. Alle onderwerpen werden een beetje behandeld en er was extra aandacht voor de analyse. Massaspectrometrie, HPLC en andere scheidings- en analysemethoden waren daar onderdeel van. In het scheikunde 2 gedeelte kreeg je dan verdieping van de onderwerpen zoals redox, procestechnologie en andere chemische snippers. De stof was hier en daar een beetje gesnoeid maar er bleef op zich een leuk programma over voor de N&T leerling.
Een nieuwe golf aan vernieuwde onderwijsinzichten en -ontwikkelingen hebben zich opgedrongen wat zich heeft geculmineerd in het vwo examen van een aantal dagen (27 mei 2010) geleden. De indruk van het examen was dat het erg lang was, (veel vragen bevatte over analyse) en dat er weinig gerekend hoefde te worden. Het was niet een heel moeilijk examen, de ontwerpers spelen blijkbaar enigszins op safe. Het is in feite een typisch scheikunde 1 examen en daarmee zeg ik vaarwel aan het scheikunde 2 gevoel. De schade zal ingehaald moeten worden op de universiteiten en onze geneeskunde studenten en andere bèta-adepten zullen het zonder stiekeme behandeling van entropie, de wet van Hess, de wet van Nernst en andere te moeilijke onderwerpen moeten stellen. Is dit verlies, de vernieuwers beweren van niet, maar mijn oude scheikunde hart ziet het met lede ogen aan...
Stiekem van ons heen gegaan, het was een mooie tijd...
RVS
Google goes ELO
Google is veelvuldig in het nieuws de laatste tijd. Van alle kanten verneem ik over het wel en wee van dit gigantisch bedrijf. Op het journaal, in de krant, op mijn werk en in reclames. Buzz, Android, Wave, Chrome, GoogleApps, GoogleDocs, YouTube, Picasa en Maps. Met al deze functionaliteit is het gemakkelijk om een ELO-achtige omgeving te creëren voor de leerlingen van je school. In dit stuk wil ik uitweiden over een aantal van deze functionaliteiten. Ik ben zeer geïnteresseerd in wat er onder andere gebruikers leeft bij het gebruik van deze tools in het onderwijs en specifiek als ELO-tool.
Werkt GoogleApps als een ELO?
- Gmail: Onder een eigen domeinnaam gmailaccounts aanmaken voor alle mensen binnen de organisatie. Alle functionaliteit van gmail is aanwezig. Dit systeem dient meteen ook als inlogsysteem voor Google Docs, Google Sites, Calender, etc...
- Google Docs: een intuïtieve "on the web" tekstverwerker, spreadsheet en presentatie tool en een enquêtetool die ingezet kan worden bij digitaal toetsen of om andere informatie te verzamelen en ordenen.
- Google Sites: Zeer intuïtieve "on the web" websitebouwer. Een kind van 10 jaar kan ermee omgaan,ik kan het weten ;). Uitermate handig voor het opzetten van vakwebsites, klassensites en projectsites.
- GoogleCalendar
- En binnenkort ook Buzz, een sociaal-netwerk-implementatie beschikbaar binnen de Education Edition.
Delen of SHARING is daarbij de belangrijkste functie!
Het is mogelijk om documenten, presentaties, spreadsheets en formulieren te delen met andere gebruikers binnen of buiten het domein. GoogleApps is eigenlijk een samenwerkingsprogramma. Een paar voorbeelden van samenwerking in het voortgezet onderwijs zijn:
- Leerlingen maken (samen) werkstukken in GoogleDocs door het delen van de documenten;
- docenten kijken het werk van de Leerlingen digitaal na;
- leerlingen leveren hun opdrachten digitaal in door het werk in een inlevermapje op te slaan. In feite wordt de opdracht ge-upload in dat mapje. Simpeler kan het niet.
Wat is het verschil dan met een echte ELO, zoals MOODLE?
Heel veel functies van een ELO zoals MOODLE kunnen dus door GoogleApps worden overgenomen, zoals het beschikbaar maken van leermaterialen (uploaden), het digitaal toetsen en het samenwerken aan projecten door leerlingen en docenten. Eigenlijk kun je in GoogleApps alles doen wat ook in MOODLE kan, zeker als je andere diensten zoals BLOG's, WIKI's en toetsprogramma's (WinToets of wrts.nl) integreert. Toch zijn sommige van de tools van MOODLE beter ingesteld op het gebruik in het onderwijs. Zo geven de toetsmodules binnen ELO's feedback- en cijferregistratiemogelijkheden die ontbreken in GoogleApps.
Het mooie is juist dat je niet over hoeft te stappen. Get the best of both worlds. Het is namelijk mogelijk Google apps te integreren in de meeste ELO's. Je kan de gebruikers van Moodle en It's Learning bijvoorbeeld synchroniseren met de GoogleApps, en ze met één wachtwoord (Single Sign On) in laten loggen op ELO èn GoogleApps tegelijk. Het instellen van deze functionaliteit kan door een goede systeembeheerder in een middag slagen.
Dat het makkelijk is, is nog geen goede reden om GoogleApps te integreren in onze ELO?
Er is een wezenlijk verschil tussen GoogleApps en een ELO. Een ELO is gebaseerde op een hierarchisch indeling, de administrator heeft meer rechten dan docenten die weer meer rechten hebben dan de leerlingen. In deze tijden van verschuivende rollen, waarbij leerlingen steeds meer hun onderwijs moeten vormgeven en docenten steeds meer een begeleidende rol moeten aannemen is deze hierarchische indeling achterhaald en arbeidsintensief. GoogleApps geeft iedere gebruiker en dus ook leerlingen gelegenheid om zelfstandig en creatief aan de slag te gaan met hun eigen onderwijs. Zij mogen materialen publiceren (=uploaden), portfolio's samenstellen (=website met eigen onderwijsprodukten), blog's en Wiki's instellen en nog veel meer.
Maar is het wel de bedoeling dat leerlingen zoveel vrijheid krijgen?
De leerlingen hebben deze vrijheid al lang aangezien de leerlingen over al deze zaken ook buiten de elektronische leeromgeving kunnen beschikken. Door deze mogelijkheden binnen de leeromgeving van school aan te bieden behoud je juist nog enige controle over het internetgebruik van de leerlingen. Mocht het helemaal mis gaan met een leerling dan kan de school juist ingrijpen en publicaties op het internet terugdraaien doordat de account van de leerling uiteindelijk wel eigendom blijft van de school. In het ergste geval wordt een account van een leerling in zijn geheel gedeletet.
Op zich is dit een goed punt. Als school kun je ervoor kiezen om de ELO volledig in eigen beheer te behouden. Heel veel werk, maar verlies van informatie kun je vrijwel uitsluiten. Mocht je als school ervoor kiezen de grotere functionaliteit van GoogleApps toch te willen gebruiken dan is het natuurlijk wel van belang om een goede backup te maken van de schoolinformatie. Google geeft hiertoe mogelijkheden. De gmail kan bewaard worden in een eigen backup-mailsysteem en de documenten van alle gebruikers kunnen redelijk makkelijk in bulk worden gebackuped. Een backup van de functionaliteit lukt natuurlijk niet aangezien de functionaliteit in het systeem van GoogleApps is geïntegreerd.
Overigens hebben Scholen, die de ELO bij een externbedrijf hebben geplaatst, al de controle uit handen gegeven en nog wel tegen betaling. It's learning of n@tschool zullen wat mij betreft eerder uit de lucht vallen dan Google.
Wat kunnen we nog meer van Google verwachten?
Google werkt momenteel hard aan het integreren van GoogleBuzz en GoogleWave in GoogleApps.
- Buzz zal de functionaliteit aan GoogleApps geven van een sociaal-netwerksite. Daarbij zal het mogelijk zijn om diensten zoals twitter en hyves te integreren. Wat wil een sociale leerling nog meer?
- Google Wave is één van de nieuwste innovaties op internet. Het is een nieuw veelbelovend communicatieplatform van Google waarbij email, instant messaging, conversatie en bewerken van documenten in elkaar over vloeien.
- leerlingen een practicumdossier digitaal in te laten leveren. Grote hoeveelheden papier hoef ik niet meer rond te sleuren en ik ben nooit meer een verslag kwijt, god zij dank. Wel moet ik het werk op de computer nakijken, maar ik heb daar persoonlijk geen bezwaar tegen;
- een vakwebsite te onderhouden met alle informatie die de leerlingen nodig hebben om mijn lessen optimaal te kunnen volgen. Beschrijvingen van de proefjes en extra informatie worden digitaal aangeboden. Ik probeer het uitdelen van stencils tijdens de les te minimaliseren. De kalender gebruik ik om het huiswerk op te geven.
- de voortgang van de leerlingen volgen. Huiswerkonderdelen moeten digitaal ingeleverd worden in formulieren. Af en toe neem ik ook een toets af.
- GoogleApps aanmeldsite: http://www.google.com/a/help/intl/en/edu/index.html
- Beschrijving van het procédé waarmee GoogleApps wordt geïntegreerd in Moodle: http://learningischange.com/2009/02/25/the-killer-app-google-apps-and-moodle-integration/
- Source van de moodle-google integratie module: http://moodlerooms.com/mpower/moodlerooms-developments/moodle-google/
- Blog van Margreet van den Berg van over GoogleApps: http://ict-en-onderwijs.blogspot.com/2010/02/google-apps-voor-het-onderwijs.html
- YouTube over een enquête maken in GoogleDocs. http://www.youtube.com/watch?v=DzWugvj1XAE
- Iclon GoogleApps KennisWiki: http://sites.google.com/a/iclon.leidenuniv.nl/onze-google-site-kenniswiki/Home
- Allerhande Google Sites: gmail.nl; wave.google.nl; docs.google.nl; sites.google.nl
Een week; minder of meer?
Column december 2009
Om de werkdruk te verlagen moeten we een week langer werken. Een prachtig concept bedacht door de Nederlandse regering. Meer is minder. Hoe halen ze het in hun stomme hoofden.
Zo kan ik er nog wel een paar verzinnen:
- Laten we de klassen vergroten tot 50 of 75 leerlingen; zo hoeven we minder les te geven en daalt de werkdruk;
- docenten moeten gaan tijdschrijven; hierdoor gaan ze efficienter werken en hebben ze minder tijd nodig;
- docenten moeten de proefwerken van elkaar gaan controleren; gedeeld werk is minder werk.
Er moet steeds meer gebeuren in het onderwijs en mij maak je niet wijs dat het verlengen van het schooljaar met een week een verlichting is in het aantal zaken die een docent moet doen. Alleen al de lessen + voorbereidingen die nu wel doorgang kunnen vinden omdat ze niet hoeven te wijken voor de rapportvergaderingen. Ik stel voor dat als het verlengen van het schooljaar mislukt als werkdrukverlager dat wij het over enkele jaren weer afschaffen, of was het niet de bedoeling om de werkdruk te verlagen. Misschien willen ze gewoon dat de leraren langer gaan werken.
Eigenlijk willen ze gewoon dat we ambtenaren worden die van 9 uur tot 5 uur werken. Eigenlijk willen ze dat we de hartstocht voor ons vak opgeven en ons gaan gedragen als crediteuren/debiteuren en ons onderwijs als lijstjes afwerken, onze contactmomenten inventariseren en afvinken, onze opleiding persoonlijk plannen (poppen), maar wel bureaucratisch bijhouden.
Nee, als ik een verlichting van de werkdruk wilde bewerkstelligen dan zou ik het voorbereiden en plannen van lessen in de vakanties voor docenten verbieden. Pas na goedkeuring van de inspectie (in drievoud) mag een docent buiten zijn werktijd aan de slag gaan voor zijn onderwijs. Zo zou ik het regelen...
RVS
Het wat en het hoe...
Column November 2009
Driemaal heb ik Emiel de Kleijn met zijn charmant zuidelijk accent mogen horen spreken over Nieuwe Scheikunde de laatste maanden. De laatste gelegenheid was aan het einde van de Woudschoten conferentie waarin hij een stand van zaken gaf over de invoering van de Nieuwe Scheikunde.
Daarin gaf hij duidelijk aan dat de invoering van Nieuwe Scheikunde verplicht zal zijn voor iedere docent. Maar gelukkig nuanceerde hij dit vervolgens door te melden dat het wat (nieuwe scheikunde) verplicht is maar dat het hoe (invulling van het curriculum door de docent) niet verplicht te stellen is.
Dit stemde mij mild en voor het eerst sinds de aankondiging van het invoeren van nieuwe scheikunde wilde ik wel stappen gaan ondernemen om nieuwe scheikunde uit te proberen in mijn lessen. Ik heb besloten om de module "suikerbiet" aan te bieden in mijn 3e klassen.
Maar het blijft dus mogelijk voor docenten (die tegen hun pensioen aan zitten) om gewoon op de oude manier door te gaan. Het examen wordt natuurlijk aangepast maar gezien de uitwerking van het examenexperiment ben ik ervan overtuigd dat een leerling opgeleid in de oude scheikunde in staat zal zijn om de nieuwe examens te maken.
In het verleden is mij menig maal door medewerkers van nieuwe scheikunde verzekerd dat de nieuwe scheikunde verplicht ingevoerd zou worden en dat alle scheikundedocenten der aan moesten. De toon van relativering gehanteerd door Emiel de Kleijn zijn een verademing voor mij en wat mij betreft ook voor het veld.
RVS
Onderwijsbegroting besproken in Tweede Kamer
Het eerste grote onderwijsdebat na de verkiezingen heeft de nieuwe verhoudingen in de Tweede Kamer duidelijk zichtbaar gemaakt: de coalitiepartijen CDA en VVD volgen in grote lijnen de standpunten van het nieuwe kabinet. De oppositie vindt opvallend vaak een bondgenoot in de PVV-fractie. Lees verder